Beheeradvies Zeggekorfslak

Door: A. Boesveld, S. van Leeuwen, J. de Boer en A.W. Gmelig Meyling, 2014

Maaien beperken
De Zeggekorfslak wordt niet gevonden in gebieden die jaarlijks netjes worden gemaaid. Als men genoodzaakt is wel te maaien, dan is het belangrijk dit gefaseerd te doen en het maaisel minimaal een paar dagen te laten liggen en pas daarna af te voeren. Dan hebben de slakken de mogelijkheid weg te komen en vermindert de kans dat de gehele populatie uit het biotoop worden afgevoerd. Het kan ook effectief zijn om een smalle rand met vegetatie langs de oevers of zones van zegges te laten staan.

 

Hier wordt de vegetatie netjes gemaaid, maar men laat de pluimzegges ongemoeid zodat de Zeggekorfslakken de mogelijkheid hebben zich weer te verspreiden vanuit deze “eilanden van vegetatie” (foto: A. Boesveld)


Vegetaties niet klepelen

Klepelen is het mechanisch stukslaan van de vegetatie door middel van metalen klepels die bevestigd zijn aan snel roterende cilinders. Niet alleen de planten maar ook dieren die hier in leven worden hierbij kapot geslagen. Jaarlijks klepelen van de oevervegetatie is funest voor de Zeggekorfslak.Vegetaties of vegetatieresten niet verbranden maar afvoeren.

Geen vegetatie of vegetatieresten afbranden
Door afbranden van vegetaties worden Zeggekorfslakken die daar leven gedood en het habitat is voor lange tijd ongeschikt. Het is beter vegetatieresten eerst een tijdje te laten liggen en daarna af te voeren.

Niet extensief begrazen, maar afrasteren
Vegetatiestroken langs de oevers waar Zeggekorfslakken voorkomen dienen zo min mogelijk te worden begraasd. Het uitrasteren van oevers met zeggevegetaties is een goede methode om populaties te behouden.

 
Voorbeeld van een uitgerasterde oeverzone met zegges. Hierdoor kan de Zeggekorfslak goed stand houden (Foto: A. Boesveld)

Bomen kappen in verlandingsvegetaties
Zeggekorfslakken hebben een voorkeur voor open, zonbeschenen, jonge verlandingsvegetaties. Door in deze vegetaties op beperkte schaal bomen te kappen kan het voor de Zeggekorfslak gunstige biotoop behouden worden.

Terughoudend zijn met grondwateronttrekking in of nabij leefgebieden
Door grondwateronttrekking kan de intensiteit van de (kalkrijke) kwel afnemen. Dankzij kwel kunnen kalkhoudende, voedselrijke(re), permanent natte milieus ontstaan waarin de Zeggekorfslak zich kan handhaven. Wanneer de kwel afneemt wordt het voortbestaan van deze populaties onzeker.

Belangrijke populaties sparen bij werkzaamheden 
Bij grootschalige werkzaamheden in het leefgebied van Zeggekorfslakken kunnen populaties behouden worden door deze vooraf in kaart te brengen en eilanden van- of gebiedsdelen met zeggevegetatie te sparen. Een andere mogelijkheid om Zeggekorfslakken ondanks zulke werkzaamheden te behouden is zoden en/of pollen met zegges uit te graven, apart te zetten en deze na de graafwerkzaamheden terug te zetten.

 

Door het terugplaatsen van pollen zegges kunnen deelpopulaties van de Zeggekorfslak gespaard blijven bij grootschalige ingrepen
en vandaaruit het gebied weer bevolken (foto: A. Boesveld)

De locatie van nieuwe petgaten zorgvuldig kiezen
Het graven van petgaten kan negatieve gevolgen hebben voor de Zeggekorfslak, wanneer daarmee geschikte (delen van) biotopen, zoals kwelmoerasbos verdwijnen. Op de lange termijn kunnen deze maatregelen wel een gunstig effect hebben, omdat er op den duur nieuwe verlandingsvegetaties kunnen ontstaan. Als petgaten gewenst zijn, kunnen de graafwerkzaamheden het beste uitgevoerd worden in gebiedsdelen waar de soort niet of zelden voorkomt. Dit vereist dat in een vroeg stadium van de planvorming in kaart gebracht wordt in welke gebiedsdelen de concentratie Zeggekorfslakken het hoogst is. Grond die tijdens het graven van petgaten vrijkomt, moet niet in of op leefgebieden van de Zeggekorfslak verwerkt worden zoals nu soms het geval is.

Dumpen van maaisel in moerasbossen tegengaan
In natuurgebieden wordt geregeld maaisel van riet en schraalgraslanden in de broekbossen gereden. Per dumping gaat het vrijwel steeds om een beperkt oppervlak, maar wanneer deze dumpingen op langere termijn, jaar na jaar worden voortgezet, wordt uiteindelijke een groot oppervlak moerasbos ongeschikt voor de Zeggekorfslak.

 

Het dumpen van maaisel in moerasbos kan ten koste gaan van leefgebied voor de Zeggekorfslak (foto: A. Boesveld)

Contacten met Zeggekorfslak experts onderhouden
Geregeld worden door beheerders en vergunningverleners, onbewust, onjuiste beoordelingen gemaakt over het belang van vegetaties en de gevolgen van beheeringrepen voor de Zeggekorfslak. Hierdoor zijn onnodig ongunstige beheeringrepen uitgevoerd. Deskundigen van Stichting ANEMOON en EIS-Nederland zijn graag bereid met beheerders mee te denken.