Search
Search
 
Soortbeschrijving
 
 

Amerikaanse zwaardschede
Ensis leei M. Huber, 2015

Main Image
 

Zoekbeeld:

Mariene tweekleppige. Tot 19 cm. Zeer langgerekte, gebogen schelp. Ruim zes maal zo lang als breed; grootste breedte in het midden of (vaak) achteraan. Kleurpatroon van roze tot bruinpaarse bandjes op een lichtere ondergrond. Opperhuid olijfgroen of -bruin. Een grote instroomopening (siphon) met fijne uitstulpingen rond de rand en een gladde uitstroomopening. Massaal aangespoeld op stranden, levend in slikgebieden van Zeeland en Waddengebied.

Kenmerken:

Afmeting: 3,5 x 19,0 cm.
Schelpkleur: Patroon van roze tot bruinpaarse bandjes op een lichtere ondergrond. Opperhuid glanzend olijfbruin en schilferig na droging.
Schelpvorm: Vrij dunschalige schelp. Duidelijk gebogen. Zeer langgerekt: zes maal zo lang als breed; de grootste breedte ligt vaak achteraan, soms meer in het midden. De voor en achterrand zijn gelijkmatig afgerond.

Sculptuur: Het oppervlak is glad met alleen groeilijnen.
Slot: Heterodont. In de rechterklep één cardinale en één laterale tand, in de linkerklep twee cardinale en twee laterale tanden.
 Slotband uitwendig.
Binnenzijde schelp: Het voorste (langwerpige) spierindruksel aan de binnenkant is ongeveer even lang als de slotband.

Te verwarren met:

Andere Ensis-soorten.

Areaal en verspreiding:

Oorspronkelijk een soort van de Amerikaans-Canadese kust. In West-Europa een exoot. Nadat larven met ballastwater van schepen in het Duitse Elbe-estuarium terecht kwamen (1979, Hamburg), heeft de soort zich zowel in noordelijke als zuidelijke richting uitgebreid. De Nederlandse, Belgische en Deense kust werden snel gekoloniseerd en ook de Zweedse en Franse kusten en het Oostzee-gebied zijn al bereikt. In Nederland voor het eerst waargenomen in de Waddenzee in 1982. In 1984 werd Zandvoort bereikt en in 1986 Katwijk-Noordwijk. Vaak massaal aangespoeld op het strand. In de kustnabije Noordzee, de Waddenzee  Zeeuwse wateren is het de meest algemene Ensis-soort.

- Waarnemingen Amerikaanse zwaardschede.
- Verspreiding Amerikaanse zwaardschede 

Habitat en ecologie:

De dieren leven rechtstandig in zelfgegraven, decimeters diepe gangen in de bodem. Ze zitten in ongestoorde toestand vlak onder het bodemoppervlak, met alleen de korte sifonen boven de bodem. dieren verraden. Bij verstoring trekken ze zich razendsnel in hun gang terug. Anders dan de andere Ensis-soorten, leeft de Amerikaanse zwaardschede zowel in het intergetijdengebied als in de subgetijdenzone en dieper. In de open Noordzee vooral tot ca. 15 m in medium en grof zand, maar ook in fijn substraat en slikgebieden.Tussen 15 tot 35 m zijn de presenties laag en beneden de 35 m ontbreken ze. Het zijn filteraars. Water wordt via de instroomsifo opgezogen en langs de kieuwen geleid, die er plankton, algen en ander zwevend voedsel uit zeven. Daarna verlaten reststoffen en water via de uitstroomsifo het lichaam weer. De dieren zijn van gescheiden geslacht. Ei-afzetting en bevruchting gaat via de waterkolom. De soort groeit snel, vermoedelijk het snelst van alle Europese Ensis-soorten. Ze worden gemiddeld 3-4 jaar, maar kunnen mogelijk tot 8 jaar worden.

Literatuur:

  • Boer, Th. W. & R. H. de Bruyne, 1983. De Amerikaanse zwaardschede Ensis directus (Conrad, 1843) in Nederland. Basteria 47 (5-6): 154.
  • Bruyne, R.H. de, S.J. van Leeuwen, A.W. Gmelig Meyling & R. Daan (red.), 2013. Schelpdieren van het Nederlandse Noordzeegebied. Ecologische atlas van de mariene weekdieren (Mollusca). Tirion Uitgevers, Utrecht en Stichting Anemoon, Lisse 414 pp.
  • Cosel, R. von, J. Dörjes & U. Mühlenhardt-Siegel, 1982. Die amerikanische Schwertmuschel Ensis directus (Conrad) in der Deutschen Bucht. I. Zoogeographie und Taxonomie im Vergleich mit den einheimischen Schwertmuschel-Arten. Senckenbergiana Maritima 14(3/4): 147-173.
  • Essink, K. 1985. On the occurrence of the American jack-knife clam Ensis directus (Conrad, 1843) (Bivalvia, Cultellidae) in the Dutch Wadden Sea. Basteria 49: 73-80.
  • Essink, K. 1986. Note on the distribution of the American jack-knife clam Ensis directus (Conrad, 1843) in N.W. Europe (Bivalvia, Cultellidae).
  • Jensen, K.R., 2010. NOBANIS – Invasive Alien Species Fact Sheet – Ensis americanus – From Identification key to marine invasive species in Nordic waters – NOBANIS www.nobanis.org, Date of access 23.06.2014.
  • Wolff, W.J. 2005. Non-indigenous marine and estuarine species in The Netherlands. Zool. Med. -Leiden 79 (1): 1-116.
  • Severijns, Nathal. "Eenvoudige sleutel met afbeeldingen voor de West-Europese mesheften (Solenidae) en zwaardscheden (Pharidae)."
  • Moerdijk, P.W., 2000. Zwaardscheden en Mesheften. Tabellenserie van de Strandwerkgemeen- schap (KNNV, NJN, JNM) No. 29. 

Auteurs:

(De Bruyne, Van Leeuwen, Gmelig Meyling, Daan et al, 2013 -Ecologische atlas- 2013)
[A. Jansen, 2013; IvL feb. okt. 2014]

NadereInformatie:

Tegenwoordig massaal op de stranden, zodanig dat andere Ensis-soorten niet meer opvallen.

[Extra bij exoten: gegevens over invasiviteit en impact; situatie 2014 (© ANEMOON) ]

Status in Nederland
Een gevestigde (ingeburgerde), vaak massaal voorkomende, invasieve soort. Leeft overal langs de kust, in de provincies Friesland; Groningen; Noord-Holland; Zuid-Holland; Zeeland.

Oorsprong en introductie
Gebied van oorsprong: Noord Amerika, elders ingevoerd.
Leefwijze: Mariene habitats, estuaria en brakwatergebieden. Leeft ingegraven in de bodem.
Introductie en -wijze: Als verspreidingsmanier- en route wordt voornamelijk gedacht aan vervoer van larven met ballastwater van schepen. De soort is aldus onbewust en ongewild door de mens ingevoerd in Europa. Eerste melding in 1981, eerste publicatie in 1983.

Impact
Belangrijkste factoren: (voedsel- en ruimte-)concurrentie.
Ecologische impact: Hoewel de Amerikaanse zwaardschede inmiddels een van de meest dominante tweekleppigen is, is tot op heden niet exact bekend wat de directe impact van deze soort op inheemse soorten is of is geweest. Wel zijn er sterke aanwijzingen dat de soort voor ten minste een deel verantwoordelijk is voor de afname van meerdere tweekleppigen uit het kustgebied. Daarbij wordt vooral de hoge filtercapaciteit genoemd: de soort zou voor een aanzienlijke afname van planktonische larven verantwoordelijk kunnen zijn (De Bruyne et al., 20143). Op plaatsen waar de soort massaal voorkomt ligt het voor de hand aan te nemen dat concurrentie op het gebied van voedsel- en ruimte, alsmede zekere milieu-aanpassingen een rol spelen.
Eventuele economische impact: Er zijn geen samenvattende gegevens over de negatieve impact van de Amerikaanse zwaardschede in Nederland. Er is enige kleinschalige commerciële visserij. 

Mate van invasiviteit
Ensis directus komt oorspronkelijk voor in Amerika van Labrador tot South Carolina. De soort is geïmporteerd in noordwestelijk Europa en voor het eerst waargenomen langs de Duitse Waddenzee-kust (Elbe-estuarium) in 1979 (Von Cosel et al., 1982). In de daaropvolgende jaren is de verspreiding zowel in noordwaardse als zuidwaardse richting verder gegaan. Belangrijke factoren voor de invasiviteit zijn het grote aanpassingsvermogen aan verschillnde biotopen: de soort kan zowel in zand- als modder leven, in getijdengebieden en in dieper water (15 meter of mer), de grotere tolerantie voor een verlaagd zoutgehalte ten opzichte van alle andere inheemse mesheften, het enorme voortplantingspotentieel en de enorme aantallen larven die zeer lang in het plankton verblijven (10-30 dagen; Wolff, 1985).

Verspreiding en -snelheid
De Amerikaanse zwaardschede bereikte de Nederlands kust in 1981 (Essink, 1985). De eerste publicatie is van 1983 (De Boer & De Bruyne, 1983). In 1984 had de soort al grote delen van het Nederlandse kustgebied gekoloniseerd (Essink, 1986). Tegenwoordig is dit een van de meest dominante soorten uit ons kustgebied. Grote aantallen leven in de nabije kustzone en de schelpen spoelen dagelijks massaal aan op de stranden. De dieren komen eveneens voor in de slikgebieden van Zeeland en het Waddengebied. In het Hollandse kustgebied nam de soort steeds verder toe tot omstreeks 2010, waarna het voorkomen stabiel bleef (De Bruyne et al., 2013).

Aphia ID:

876640

Gebied:

Nederland

Biotoop:

Zoutwater

Project:

MOO|SMP|Exoten

Gerelateerde soorten:

Groot tafelmesheft
Klein tafelmesheft
Amerikaanse zwaardschede
Grote zwaarschede

 
   
Faunavoorspelling
  • Collapse
  • Close
MaandTrefkans %Voldoende waarnemingenLocatie
Data pager
Data pager
First PagePrevious Page
Next PageLast Page
Page size:
PageSizeComboBox
select
 193 items in 10 pages
613760 Brouwersdam, Spingersdiep [6137]
6137100 Brouwersdam, Spingersdiep [6137]
257100 Rif Nieuwe kerkweg [257] (Nog niet in Anemoonlocaties opgenomen)
257110 Rif Nieuwe kerkweg [257] (Nog niet in Anemoonlocaties opgenomen)
16360 Gorishoek, nabij cafe Zeester [163]
16370 Gorishoek, nabij cafe Zeester [163]
16560 Strijenham, Klaas van Steenlandpolder bij inham [165] (Nog niet in Anemoonlocaties opgenomen)
16570 Strijenham, Klaas van Steenlandpolder bij inham [165] (Nog niet in Anemoonlocaties opgenomen)
16580 Strijenham, Klaas van Steenlandpolder bij inham [165] (Nog niet in Anemoonlocaties opgenomen)
16590 Strijenham, Klaas van Steenlandpolder bij inham [165] (Nog niet in Anemoonlocaties opgenomen)
165100 Strijenham, Klaas van Steenlandpolder bij inham [165] (Nog niet in Anemoonlocaties opgenomen)
128100 Westbout (eind van de pier, west kant) [128]
12960 Westelijk dammetje [129]
12990 Westelijk dammetje [129]
13040 Oostelijk dammetje (Oostbout) [130]
13050 Oostelijk dammetje (Oostbout) [130]
13060 Oostelijk dammetje (Oostbout) [130]
13070 Oostelijk dammetje (Oostbout) [130]
166250 Veerweg, Oesterdam, Bergsediepsluis [166] (Nog niet in Anemoonlocaties opgenomen)
16630 Veerweg, Oesterdam, Bergsediepsluis [166] (Nog niet in Anemoonlocaties opgenomen)

Diensten

Weekdieren (EU-Habitatrichtlijn)

Mariene soorten en ecologie

Contact

Stichting ANEMOON
Postbus 29
2120 AA Bennebroek

anemoon@cistron.nl

06-11442009

Back To Top