Spuisluis
29

bron: www.wvlierhuis.nl


na jaren weer eens een bezoekje aan de Preekhilpolder, Zuidhollandse zijde

We waren al heel lang niet meer op deze locatie geweest, en vandaag was wel een mooie gelegenheid. Het blijft een eind lopen, maar door een fraai gebied met rietvelden. Het water zag er helder uit. Vlak aan de oppervlakte hing een groen wolkendek van algen, maar daar onder was het mooi helder. En lekker warm water. Het uitzicht was onverwacht mooi; een gave oesterbank met muiltjes Crepidula fornicata, dik begroeid met vooral veel slingerzakpijp kolonies Botrylloides violaceus in vele oranje tinten, maar ook paars en roze. En natuurlijk de andere soorten; doorzichtige-, ruwe-, scheve-, japanse. Weinig sponzen overigens. En daar tussen krioelde het van het bewegend leven. Penseelkrabben, strandkrabben, gewimperde krabben, kreeften, zwermen aasgarnalen, overal steurgarnalen, zwarte grondels. Erg leuk, vandaag won de Grevelingen het van de Oosterschelde.

Ik daalde schuin wat dieper af. Heel opvallend waren de vele kolonies waaiervormige mosdierstruikjes, waarschijnlijk steenmosdiertjes Caberea ellisii. Gepluimde hoorncelpoliepjes Bugula plumosa stonden er ook maar minder. Hier en daar zaten kleine zeeappeltjes. Later vond ik nog een jonge puitaal Zoarces viviparus. Ik kwam bij de plek waarvan ik me herinnerde dat de oesters er dieper door liepen, dus ik daalde verder af. Het zicht werd beter, de temperatuur nauwelijks frisser. Duidelijk kwam ik in de zuurstofloze zone, te zien aan de witte schimmelbodem. Die vertoonde hier overigens heel markante patronen. Maar de verspreide oesterkluiten waren wel kleine oases aan leven. Zwermen roodbuik aasgarnaaltjes Hemimisys lamornae, nog de nodige strandkrabben, weduwerozen, soms jonge anjeliertjes, clusters verse doorzichtige zakpijpen, en vooral veel oorkwalpoliepen Aurelia aurita. Ik daalde dieper af, helemaal tot op de bodem van de geul. Dan viel me op dat de bodem krioelde van de wormpjes. Bruin met heldere dwarsbandjes, dit zijn die Ophiodromus flexuosus borstelwormpjes, wat enorm veel! Echt bij de duizenden kropen ze rond. Ze waren klein, slechts enkele centimeters, maar best mooi van dichtbij. Ik keerde weer terug omhoog. Heel apart toch, overduidelijk de schimmelbodem en hier en daar stikkende losse anemoontjes, maar toch verder best veel leven. In open water zwommen zo nu en dan oorkwallen en amerikaanse ribkwallen Mnemiopsis leidyi. De borstelwormen bleef ik nu zelfs tot een metertje of tien diepte zien. Maar hoe ondieper hoe minder, dat wel.

En daarmee was ik weer terug in de levendige zone, vol met de spetterende kleuren van die slingerzakpijpen. Rustig voort duikend bekeek ik de zwermen roodbuik en geknikte aasgarnaaltjes, steur- en roodsprietgarnalen, imposante kreeften, de mosdierkolonies, en er zwom weer een school glasgrondels Aphia minuta voor me. Helaas weer erg schuw. De dichtheid aan zakpijpjes was enorm. Hier en daar lieten de oesters hun zeefplaten zien. Ondieper in het wier vond ik enkele groene wierslakken Elysia viridis en hier hingen vele blonde grendeltjes Gobiusculus flavescens te happen naar de voorbij drijvende algdeeltjes. Twee zaken vond ik eveneens opmerkelijk. Hier ondiep trof ik wederom volop posthoorn kokerwormpjes Spirorbis borealis aan. En alles bleek gegroeid te zijn op met gietasfalt overgoten stenen. Nou goed, ik kon dat zien omdat duidelijk niet alles daar op wil groeien, maar wel oesters en muiltjes dus. En  de rest komt daar weer op. Ik probeerde nog wat foto’s van kleurrijke taferelen op hogere stenen, omhoog tegen het daglicht in.

En dan maar opstijgen. Nog niet er uit, vlak bij de kant ligt een groene vaargeul boei. Toch maar heel even daar bij kijken. En dat bleek het zwemtochtje waard. Je kon niet meer zien of de boei aan een ketting of een touw hing, het ding leek te staan op een pilaar van jonge mosseltjes Mytilus edulis, zo veel en dik waren die aangehecht. En daarop was het gelijk een mierennest van spookkreeftjes. Zowel de normale soort als de grotere harige soort Caprella mutica. Heel leuk om te zien is hoe ze onderling om de beste plekjes vechten. Weinig exemplaren droegen broedbuidels. Nou, dan was het toch echt mooi geweest. Tijd voor de lange en warme wandeling terug.


De interessante ontdekking vandaag; massaal veel borstelwormen Ophiodromus flexuosis


Heel veel poliepen van de oorkwal Aurelia aurita


de groene boei barstens vol mosseltjes en spookkreeftjes, de grote exemplaren zijn de harige Caprella mutica



Waardering
Waardering: 5(1 stemmen)

Commentaar
  • Preekhil, 27 juli 2014

Klik op de foto’s voor grotere plaatjes.