Skip to content Skip to navigation

Sections
Personal tools
You are here: Home Natura 2000 Soorten Nauwe Korfslak
Navigation
Document Actions

Nauwe korfslak

Vertigo angustior

Tekst: A.W. Gmelig Meyling en R.H. de Bruyne, 16-5-2007


Uiterlijk

Nauwe KorfslakDe Nauwe korfslak Vertigo angustior (Jeffreys, 1830) is een klein landslakje dat niet groter wordt dan ca. 1,9 mm hoog en 0,8 mm breed. Het heeft een tonvormig huisje. Volwassen dieren hebben vijf windingen die geleidelijk in grootte toenemen. De twee voorlaatste windingen zijn sterk radiaal gestreept of geribd; deze sculptuur vervaagt echter weer op de laatste windingen. Het huisje is linksgewonden; met de top naar boven zit de mondopening links. De mondrand is klein en nauw en in de mondopening van het huisje zitten 4-5 tandvormige plooien. De levende exemplaren hebben een sterk glanzend bruinrode kleur, dode zijn vaak donkerbruin en dof tot zelfs wit.

Voedsel

De Nauwe korfslak voedt zich met schimmels in afstervend en afgestorven plantaardig en dierlijk materiaal.

Levenscyclus

De soort plant zich geslachtelijk voort, maar mogelijk kan de soort zich ook door middel van zelfbevruchting voortplanten. Het zijn relatief snelgroeiende dieren, die binnen enkele maanden geslachtsrijp zijn. Van de levenscyclus is weinig bekend. Juveniele slakken worden het hele jaar tussen de adulte dieren aangetroffen. De meeste volwassen exemplaren zijn te vinden in zomer en najaar, tussen maart en oktober. Dan worden ook de meeste eieren gelegd, die binnen enkele weken kunnen uitkomen. De eieren zijn in verhouding tot het volwassen dier groot in vergelijking met eieren van andere terrestrische slakken. Het aantal eieren is relatief gering. Waarschijnlijk overwinteren populaties vooral via eieren, maar ook jonge en volwassen dieren zouden kunnen overwinteren. Tijdens een relatief zachte winter werden schijnbaar overwinterende dieren groepsgewijs waargenomen in mosvegetatie.

Populaties

Het voorkomen van de Nauwe korfslak is vaak zeer plaatselijk. Populaties die slechts enkele vierkante meters beslaan zijn geen uitzondering. Doorgaans gaat het om relatief weinig individuen, maar soms kunnen ook hoge dichtheden worden waargenomen, tot wel meer dan 1200 individuen per m2 (Killeen 1993). In strooiselmonsters verzameld bij dit onderzoek, die ruwweg afkomstig zijn van één vierkante meter, worden echter maar zelden meer dan 100 exemplaren gevonden.

Biotoop

Het aantal macrohabitats waarbinnen de Nauwe korfslak kan voorkomen, is zeer divers. Cameron et al. (2003) noemen in Europees verband 17 afzonderlijke habitatcategorieën waarmee deze soort is geassocieerd. In Nederland wordt deze soort vooral, maar niet uitsluitend, aangetroffen in kalkrijke duinen. Uit de kalkarme duinen op de Waddeneilanden is slechts één melding bekend.

De Nauwe korfslak wordt in de Nederlandse duinen vaker bij populierachtigen gevonden dan bij andere soorten bomen en struiken. Verder lijkt de soort ook iets vaker aanwezig in de nabijheid van respectievelijk meidoorn, liguster en duindoorn. Onder en nabij naaldbomen en eiken is de soort weinig of niet aanwezig.

In de zuidelijker duingebieden, zoals op Voorne, waar de Nauwe korfslak in relatief hoge dichtheden voorkomt, wordt de soort ook regelmatig aangetroffen tussen vegetaties met veel soorten kruidachtigen.

Algemeen werd aangenomen dat de Nauwe korfslak in ons land hoofdzakelijk voorkwam in overgangsgebieden van nat naar droog, bijvoorbeeld halverwege (lichte of sterkere) hellingen in duinen. Door het onderzoek in het kader van het HabSlak-project is nu gebleken dat de vochigheidsrange breder is dan gedacht. De soort kan zowel worden aangetroffen op plekken die kortstondig onder water kunnen staan, alsook op matig vochtige tot zelfs (zij het zelden) aanzienlijk drogere plekken op vrij hoog gelegen duinen, waar dan wel beschutting en (dood) hout aanwezig dient te zijn van bij voorkeur populierachtigen.


Microhabitat

De Nauwe korfslak leeft niet alleen in bladstrooisel, maar ook direct op valhout, stammen en stronken. De soort heeft een voorkeur voor beschutte plaatsen waar de vochtigheid doorgaans niet te sterk af kan nemen en waar de kans op uitdrogen dus gering is. Er leven echter ook populaties op plaatsen waar door het plantendek nog licht en warmte kan doordringen. Bladstrooisel onder valhout tussen hoge grassen, mos of kruidachtigen aan de rand van dichte struiken vormen vaak een geschikt microhabitat. Op microschaalniveau (bijvoorbeeld een tak die op de grond ligt) treft men de soort vaak aan op een droger gedeelte niet ver (10 tot 20 cm) verwijderd van een relatief vochtigere plek. De soort wordt vooral gevonden in het bladstrooisel, tussen mossen en grassen bij en tussen struiken en bomen in en aan de randen van meer open duingebied.

Voorkomen in Europa

De Nauwe korfslak komt voor in de meeste Europese landen; van Ierland tot aan de Kaspische zee. In deze landen komt de soort voor in vele typen leefgebied, vooral in laaggelegen gebieden. Er zijn echter ook populaties bekend uit berggebieden; in de Zwitserse Alpen tot een hoogte van 1158 meter (Turner et al., 1998).

Voorkomen in Nederland

De Nauwe korfslak wordt vooral aangetroffen in de zuidelijker duingebieden, zoals de duinstrook in Zeeuws Vlaanderen, Voornes duin en Meyendel. In de Amsterdamse Waterleidingduinen en de Kennemerduinen komt de soort op relatief minder locaties voor, terwijl boven het Noordzeekanaal, in de duingebieden tussen Wijk aan Zee en Camperduin de trefkans duidelijk lager is en ook de waargenomen aantallen vaak wat lager lijken te zijn.

In het duingebied boven Petten tot Den Helder is de Nauwe korfslak nog niet waargenomen, maar daarbij moet worden opgemerkt dat in dit gebied nog maar weinig gericht onderzoek is gedaan. Hetzelfde geldt voor de duinen van de Waddeneilanden, die eveneens nog onvoldoende zijn onderzocht. Van vóór 2000 is er slechts één waarneming van de Nauwe korfslak bekend van Terschelling. Onlangs is de Nauwe korfslak waargenomen op Rottum en Rottumerplaat.

Rest van Nederland

De Nauwe korfslak leeft ook thans nog op enkele kalkrijke plaatsen in Limburg, waaronder bij Maastricht (de Hoge fronten), evenals in en nabij enkele kwelmoerassen en kalkrijke graslanden. De dichtheden in deze gebieden zijn bijzonder laag. Vroeger is de soort ook waargenomen op kalkrijke graslanden in het Geuldal, daar is de soort bij de her-inventarisaties in 2004 echter niet teruggevonden.

Uit Gelderland zijn enkele vindplaatsen bekend; met name in het Colenbrandersbos (Millingerwaard) en verder uit de omgeving van Denekamp in Noordoost-Twente. Ook op deze locaties is de Nauwe korfslak niet teruggevonden.