Skip to content Skip to navigation

Sections
Personal tools
You are here: Home ANM Etymologie Zeeslakken Gibbula
Navigation
Document Actions

Gibbula

Tolhorens

Gibbula Risso, 1826


Tolhorens

Asgrauwe tolhoren - Gibbula cineraria

Duits: Aschgraue Kreiselschnecke (Kreisel = tol)

Engels: Grey top shell (top = tol)

Frans: Gibbule cendrée

Deens: Almindelig topsnegl

 

Geknobbelde tolhoren, Tovenaar - Gibbula magus

Duits: Zauberbuckel (Buckel = bochel, bult)

Engels: Painted top shell

Frans: Troque mage

 

Gevlamde tolhoren - Gibbula pennanti

Duits: Ungenabelte Buckelschnecke

Engels: Pennant's top shell

 

Gezwollen tolhoren - Gibbula tumida

Duits: Spitze Kreiselschnecke

Engels: Swollen top shell

Deens: Rødbrun topsnegl

 

Genavelde tolhoren - Gibbula umbilicalis

Duits: Genabelte Buckelschnecke

Engels: Flat top shell

Frans: Troque ombiliqué

 

Gibbula nehalenniae Van Regteren Altena, 1954

 

Gibbula fanulum (Gmelin, 1791) – Tempeltolhoren, Gekerfde tolhoren

 

Gibba (Lat.) is bochel, bult. Gibbula met het verkleinings achtervoegsel betekent bultje of bocheltje naar het tolvormige huisje van de tolhorens.

De asgrauwe tolhoren is genoemd naar de grijze kleur van het huisje. Cineraria komt van cinereus (Lat.) dat eveneens asgrauw betekent.

De Geknobbelde tolhoren heeft knobbels op de windingen. Magus (Lat.) betekent magiër of tovenaar. Het huisje gelijkt op de tulband van een magiër.

De gevlamde tolhoren heeft een tekening van rode vlekken en strepen. De soortnaam is genoemd naar Thomas Pennant (1726-1798), een welbekende schrijver over natuurlijke historie uit Wales.

De Gezwollen tolhoren heeft iets bollere windingen dan de overige soorten. Waarschijnlijk is de Nederlandse naam een vertaling van de soortnaam tumidus (Lat.) die ook gezwollen betekent.

De Genavelde tolhoren heeft een ronde, duidelijke navel. Umbilicalis komt van umbilicus (Lat.) = navel.

De fossiele schelp Gibbula nehalenniae, gevonden in de Westerschelde heeft C.O. van Regteren Altena genoemd naar de godin Nehalennia. Deze godin is ons bekend sinds 5 januari 1647, toen op het strand bij Domburg, na een zware storm vele stenen monumenten zichtbaar werden. Men vereerde deze godin om voorspoed en om bescherming tegen de gevaren van de zee te verkrijgen. In 1970 zijn in de Oosterschelde bij Colijnsplaat vele altaren van een tweede heiligdom opgevist.

Gibbula fanulum is een Europese soort die voorkomt in roodwier van het genus Posidonia. Fanum (lat.) is een aan een Godheid gewijde plaats, vandaar heiligdom tempel. Fanulum betekent tempeltje en slaat op de vorm van het huisje. Waarschijnlijk heeft een Chinese of Japanse tempel als voorbeeld gediend.