Calliostoma
Priktolhorens
Priktolhoren - Calliostoma zizyphinum
Verscheidene malen is de Priktolhoren op de Nederlandse kust aangespoeld op riemwier, touw en andere voorwerpen. De afgelopen jaren zijn vondsten van deze soort zijn gemeld van het Sas van Goes op 17 juni 2001 en in de zuidwestelijke Oosterschelde op 21 juni 2003. Hiermee kan de soort met een grote mate van waarschijnlijkheid vanaf 2001 tot de inheemse fauna gerekend worden.
De herkomst van de wetenschappelijke naam is echter nog steeds uitheems en voert terug tot het Perzische zizfun of zizafun, dat de naam is van de eetbare vruchten van de Zizyphus jujuba of Z. vulgaris, een struik uit de familie van de Rhamnaceeën. Via het Griekse zizuphon, het Latijnse zizyphum en het Franse jujube is het Nederlandse jujube ontstaan. Jujube is oorspronkelijk de naam van de besachtige steenvrucht die vers gegeten wordt of van de hoestballetjes die ervan gemaakt worden en is thans een zacht ruitvormig of rechthoekig dropje bestaande uit gom, suiker en oranjebloesemwater. De vorm van deze dropjes is de achtergrond van de soortnaam zizyphinum. In het Frans is het ook Troque en form de jujube of kortweg Troque jujube. Een verwant genus Jujubinus is ook naar jujube genoemd. Het achtervoegsel –inus of –inum duidt een "toebehoren aan" aan.
De soort is lid van de familie Trochidae, waartoe allerlei tolhorens behoren. Trochidae is genoemd naar het genus Trochus. Trochus (Lat.) en trochos (Grieks) betekenen onder andere tol en verwijzen naar de vorm van de schelp. Het Nederlandse Priktolhoren, het Duitse Bunte Kreiselsnecke (Kreisel = priktol) en het Engelse Painted Top Shell (top = tol) hebben de gelijkenis met een tol in hun naam. Het is een kleurrijke gelige, roze of violette schelp met rode vlekken, vandaar het Duitse Bunte en het Engelse Painted.
Calliostoma is afgeleid van het Griekse kalos = mooi, als voorvoegsel kalli-, en stoma = mond. De mondopening van het hoorntje is begrensd door een parelmoerachtig eelt (callus), vandaar de naam "mooie mond".

