Skip to content Skip to navigation

Sections
Personal tools
You are here: Home ANM Etymologie Zeenaaktslakken Eubranchus
Navigation
Document Actions

Eubranchus

Knuppelslakken

Knuppelslakken – Eubranchus

Plompe knuppelslak - Eubranchus exiguus

Engels: Minute aeolis

Deens: Almindelig trådsnegl

 

Bleke knuppelslak - Eubranchus pallidus

Engels: Painted aeolis

 

Noordelijke knuppelslak - Eubranchus rupium

 

Gezwollen knuppelslak - Eubranchus farrani

 

Het voorvoegsel eu- van Eubranchus betekent goed, echt en branchus komt van bragchia (gr.) bij transcriptie naar het Latijn branchia = viskieuwen. De soort behoort tot de naaktkieuwigen, een groep zeenaaktslakken die in tegenstelling tot de Sacoglossa kieuwen bezit. De naam knuppelslakken danken ze aan de vorm van de papillen.

 

De plompe knuppelslak is genoemd naar de plompe vorm (urnvormig) van de papillen. Het is een relatief kleine slak van 2-7 mm; exiguus (lat.) betekent klein, onaanzienlijk.

 

Het lichaam van de Bleke knuppelslak is wit tot lichtgrijs; pallidus (lat.) betekent bleek, vaal of geel.

 

De Noordelijke knuppelslak is genoemd naar zijn Noord-Atlantische verspreidingsgebied. De soortnaam rupium (lat.) betekent van de rotsen, rupes = rots, naar de voorkeur voor harde substraten.

 

De laatste loot aan het genus Eubranchus vormt de Gezwollen knuppelslak waarvan uit januari 2003 de eerste vondsten uit Nederland bekend zijn (Van Bragt, 2004). De papillen van deze soort zijn gezwollen en transparant. De soortnaam is genoemd naar Dr. Farran uit Dublin, die het typemateriaal van deze soort verzamelde bij Malahide in 1843.