Cuthona
Knotsslakken
Knotsslakken - Cuthona
Orde: Nudibranchia
Suborde: Aeolidina
Familie Tergipedidae
Gestippelde knotsslak - Cuthona amoena
Zilverblauwe knotsslak - Cuthona concinna
Gestreepte knotsslak - Cuthona foliata
Engels: Olive aeolis
Gorgelpijp-knotsslak - Cuthona gymnota
Engels: Orange-tipped aeolis
Zeerasp-knotsslak - Cuthona nana
Engels: Dwarf aeolis
Frans: Cuthona naine
Mariene weekdiersoorten die tijdens een expeditie voor het eerst zijn ontdekt, worden soms naar de naam van het onderzoeksvaartuig genoemd. Zoals de naaktslak Cuthona sibogae die in 1905 door L.S.R. Bergh is vernoemd naar het schip H. M. Siboga, het beroemde onderzoekschip van de Siboga expeditie dat van 1899 tot 1900 door de Indische wateren voer.
In Nederland komen ook enkele soorten van het genus Cuthona voor. De genusnaam Cuthona is waarschijnlijk afgeleid van cutis (Lat.) of kutos (Gr.) = huid, vanwege de transparante huid van veel soorten. Ook de afleiding van keutho (gr.) = verbergen, verstoppen is mogelijk.
Zeenaaktslakken kunnen zeer fraai zijn zoals blijkt uit de namen van de Gestippelde en Zilverblauwe knotsslak. Amoena (Lat.) betekent namelijk mooi, liefelijk of aangenaam en concinna (Lat.) keurig of elegant. Ook het bijvoeglijke naamwoorden gestippelde, zilverblauwe en gestreepte slaan op het uiterlijk van het dier.
Anders soorten zijn genoemd naar het voedsel dat ze eten. De Gorgelpijp-knotszak is genoemd naar de hydroidpoliep Gorgelpijp (Tubularia larynx) en de Zeerasp-knotsslak naar de hydroidpoliep Ruwe zeerasp (Hydractinia echinata). Gymnota (Gr.) betekent naakt en nana (Lat.) dwerg-achtig.
Vanwege de vele knotsvormige aanhangsels (papillen) op de rug heten de soorten van de familie Tergipedidae knotsslakken. Ook de soortnaam foliata = bladdragend, bebladerd slaat op deze eigenschap.

