Skip to content Skip to navigation

Sections
Personal tools
You are here: Home ANM Etymologie Zeenaaktslakken Aeolidiella
Navigation
Document Actions

Aeolidiella

Vlokslakken

Vlokslakken - Aeolidia en Aeolidiella
Grote vlokslak - Aeolidia papillosa
Duits: Breitwarzige Fadenschnecke
Engels: Plumed Aeolis
Deens: Stor trådsnegl (tråd = draad)

Kleine vlokslak - Aeolidiella glauca

Vlokslakken zijn zeenaaktslakken met vlokachtige papillen of draden op de rug. De soortnaam papillosa (Lat.), met papillen of puisten, duidt eveneens op die eigenschap. De soortnaam glauca betekent blauwgroen. De kleur van het dier wordt echter omschreven als crème-wit tot grijsbruin.
De Grote vlokslak is relatief groter dan de Kleine vlokslak. Vanwege dit grootteverschil heet het genus van de Kleine vlokslak Aeolidiella, dat is kleine Aeolidia (-ella = dim. suffix).
Aeolia is het eiland waar koning Aeolus heerste over de winden, die in een rotshol waren opgesloten. Beide genera zijn genoemd naar dit eiland of deze koning uit de Griekse mythologie. Misschien dat de golvende beweging van de vlokken of draden de naamgever geïnspireerd heeft.