Buikstreepnemertijnen: eerder, meer en een mysterie!
Naar aanleiding van de eerste meldingen van waarnemingen van Buikstreepnemertijnen, Tubulanus superbus, in de Oosterschelde (zie Spuisluis mededeling 04-09-2008) zijn er bij de Spuisluiswachter diverse aanvullende waarnemingen binnengekomen en heeft hij er zelf ook tientallen gezien. Maar er is ook met de nemertijnen een mysterie bijgekomen.
Een opmerkelijke waarneming is dat de Belgische sportduiker Marc De Clercq al op 2 november 2007 een Buikstreepnemertijn bij Goes heeft gevonden en gefotografeerd. Het bewijs is hieronder op deze internetpagina te zien. Er is dus fotografisch bewijs dat hij al langer in de Oosterschelde aanwezig is. Dezelfde sportduiker heeft op 20 september 2008 weer een paar nemertijnen bij Goes gezien. Er zitten er dus nog meer.

Foto 1: Buikstreepnemertijn, Oosterschelde,
2007 © Marc Le Clercq
Veel opmerkelijker is de recente stortvloed van waarnemingen
van deze fraaie worm uit de overkant van de Oosterschelde. Aan de Noordzijde
van de Zeelandbrug zijn in het weekend van 19-21 september 2008 door tenminste
acht sportduikers meerdere Buikstreepnemertijnen waargenomen en
gefotografeerd. De E-mailbox van de Spuisluiswachter zat na dit weekend vol met
berichtjes en digitale foto’s met Buikstreepnemertijnen van de Zeelandbrug.
Zelf heeft de Spuisluiswachter bij de
avondduik van 19 september 2008 tientallen wormen gevonden en een aantal
gefotografeerd. Terwijl ze bij Goes nog schijnbaar in kleine aantallen
voorkomen zitten ze bij Zierikzee tenminste algemeen op een diepte van circa
12-20 meter. Waar komt deze explosie vandaan? Wij hebben daar op dit
moment geen redelijke verklaring voor.
En nog veel opmerkelijker is een fenomeen waar Godfried van
Moorsel ons op heeft gewezen. De eerste foto van Paul Engels van de vorige
Spuisluismededeling laat een Buikstreepnemertijn zien die in of uit (dat is
lastig te onderscheiden) de koker van een Waaierkokerworm, Sabella pavonina,
kruipt. Een opmerkelijke waarneming maar op dat moment beschouwden we het als
toeval. Godfried van Moorsel had echter op het internet een foto van een
Buikstreepnemertijn gevonden die ook gedeeltelijk in de koker van een Waaierkokerworm zit. Nu zijn er maar heel weinig foto’s van deze worm op het Wereld
Wijde Web te vinden dus is deze tweede foto al bijna geen toeval meer te
noemen. En tot onze stomme verbazing zaten tussen de foto’s die de
Spuisluiswachter deze week heeft ontvangen ook twee foto’s van wormen die met
hun kop in de kokers van Waterkokertje zaten. En op een foto kroop er een
tegen een koker omhoog. Hoewel er bij de Zeelandbrug veel Buikstreepnemertijnen
en Waaierkokerwormen zitten is toch met al deze waarnemingen toeval als
verklaring voor dit verstoppertje spelen uitgesloten.

Foto 2: Buikstreepnemertijn in Waaierkokerworm, Oosterschelde,
2008 ©
Lodewijk Roelen
Foto 3: Buikstreepnemertijn in Waaierkokerworm, Oosterschelde, 2008 © Tineke van den Hof
Wat is dan wel de reden voor deze worm om in deze kokers te kruipen. Om
heel eerlijk te zijn weten wij het nog niet. Gebruikt hij de kokers om zelf
makkelijker de bodem in te kruipen? Dat lijkt niet erg waarschijnlijk. De worm
is circa een meter lang en een koker van een Waaierkokerworm is zeker niet zo
lang. Jaagt hij op Waaierkokerwormen en waren zij op het moment van de
waarnemingen aan het eten? Gebruiken zij de kokers om er eitjes in af te zetten
of is het een andere reden? Is hij gewoon nieuwsgierig en kijkt hij in ieder
gaatje? Het is voorlopig nog een mysterie. Wellicht kunnen aanvullende
waarnemingen hier een antwoord op geven? Of weet een van de wijze lezers van
deze rubriek het antwoord al?
Nieuwe waarnemingen, vragen of opmerkingen van deze soort of
andere organismen kunnen per E-mail doorgestuurd worden naar de Spuisluiswachter.

