Skip to content Skip to navigation

Sections
Personal tools
You are here: Home ANEMOON Spuisluis 2004 Wie is Wie in Botrylloides-land
Navigation
Document Actions

Wie is Wie in Botrylloides-land

Wie is Wie in Botrylloides-land???
Ingezonden: 26 september 2002, door Peter H. van Bragt

Marco Faasse en Hans de Blauwe beschrijven op zeer gedetailleerde wijze in; Het Zeepaard (62):136-141 [ De exotische samengestelde zakpijp Botrylloides violaceus Oka, 1927 in Nederland (Ascidiacea: Pleurogona: Styelidae)], de determinatie en het voorkomen in Nederland van deze fraaie zakpijp. De determinatie is vooral gebaseerd op de anatomie van de larven van de gevonden dieren. Helaas betreft dit kenmerken die onderwater niet te herkennen zijn. Wel geven de auteurs aan dat deze soort volgens Saito et al. (1981) eenkleurig is. De zwart-wit afbeelding die in het betreffende artikel is afgebeeld geeft ook weinig informatie over macroscopische kenmerken. Adriaan Gmelig Meyling geeft in de vorige mededeling van de Spuisluis wel met kleuren foto's aan hoe deze soort er uit kan zien. Tevens vermelden Marco Faasse en Hans de Blauwe in een naschrift dat er bij Yerseke ook afwijkende larven van Botrylloides zakpijpen zijn gevonden die mogelijk tot de soorten B. leachi (Savigny, 1816) of B. simodensis (Saito & Watanabe, 1981) zouden kunnen behoren. De laatste soort is meestal meerkleurig.

Peter H. van Bragt heeft de afgelopen jaren op meerdere plaatsen in de Oosterschelde Botrylloides sp. zakpijpen aangetroffen. Opvallend was hierbij dat de diverse samengestelde zakpijpen in vier verschillende kleur- en vorm variaties onderverdeeld konden worden. Iedere kolonie behoorde slechts tot één van de vier variaties en hij heeft nog nooit tussenvormen aangetroffen. Op de onderstaande afbeeldingen zijn deze vier vormen te zien. Allen bezitten de typische paralelle rangschikking van de zooiden waardoor de auteur van deze mededeling verwacht dat zij allen tot het geslacht Botrylloides behoren. Echter de variatie van kleuren en vormen en de afwezigheid van tussenvormen doet vermoeden dat we hier mogelijk met meerdere soorten hebben te maken. Helaas is het nog niet mogelijk om hier met zekerheid uitsluitsel over te geven. Opvallend is echter wel dat deze vier variaties allen afwijken van de exemplaren die op de foto's van Adriaan Gmelig Meyling in de vorige mededeling zijn afgebeeld. Varianten 1, 2 en 3 komen momenteel bij elkaar op dezelfde lokaties voor. Variant vier is op een lokatie aangetroffen waar hij de andere varianten nog niet heeft aangetroffen.

Botrylloides sp. © Peter H. van Bragt

Klik op de afbeelding voor een gedetailleerde weergave

Foto 1: Botrylloides sp., [variant 1] Oosterschelde © Peter H. van Bragt

Variant 1 is reeds in 2000 in Bruinisse gevonden en recent ook massaal bij Wemeldinge-oost en het Sas van Goes op circa 2-20 meter diepte. Het zijn tweekleurige oranje-rode kussenvormige kolonies met zooiden die een opvallende goud-gele rand bezitten. Meestal zijn de kolonies relatief klein, ogen heel vers en zijn niet bedekt met slib of epibionten (anders organismen die op de kolonies gehecht zijn en groeien).

Botrylloides sp. © Peter H. van Bragt

Klik op de afbeelding voor een gedetailleerde weergave

Foto 2: Botrylloides sp., [variant 2] Oosterschelde © Peter H. van Bragt

Variant 2 is in 2001 en 2002 en met meerdere exemplaren bij Wemeldinge-oost en het Sas van Goes waargenomen. Dit zijn tweekleurige grote kussenvormige kolonies met grote, relatief vlakke, dikke, paars-rose lobben met zooiden die een witte rand bezitten. Zij ogen meestal veel ouder, zijn vaak bedekt met een beetje slib en soms is secundaire groei van andere mariene organismen op deze kolonies te vinden. Deze variant komt exact overeen met de afbeelding van B. leachi in Gibson et al. (2001) Photographic guide to the Sea and Shore Life of Britain and North-west Europe, Oxford University Press. Echter in dit boek staan meerdere soorten dieren verkeerd gedetermineerd waardoor ook de betrouwbaarheid van deze determinatie op zijn minst twijfelachtig te noemen is. De kolonies zijn altijd groter dan variant 1 en mogelijk zijn dit gewoon door ouderdom verkleurde exemplaren van variant 1.

Botrylloides sp. © Peter H. van Bragt

Klik op de afbeelding voor een gedetailleerde weergave

Foto 3: Botrylloides sp., [variant 3] Oosterschelde © Peter H. van Bragt

Variant 3 is recent in 2002 bij Wemeldinge-oost en het Sas van Goes aangetroffen. Het zijn eenkleurige baksteenrode grote, dikke, kussenvormige kolonien met relatief kleine bolvormige lobjes en grote geprononceerde gemeenschappelijke uitstroomopeningen. Zowel de macroscopische anatomie en de eenkleurigheid maken deze variant sterk afwijkend van variant 1 en 2. Hiervan zijn door de auteur slechts een paar kolonies op de bovenvermelde lokaties aangetroffen.

Botrylloides sp. © Peter H. van Bragt

Klik op de afbeelding voor een gedetailleerde weergave

Foto 4: Botrylloides sp., [variant 4] Oosterschelde © Peter H. van Bragt

Variant 4 is recent in 2002 met tientalle exemplaren op een ponton in een van de havenbekkens van Neeltje Jans aangetroffen. Het is een vliesdunne kolonie, die eenkleurig felgeel is. Omdat de kolonie op een geteerde ondergrond voorkomt is niet uit te sluiten dat deze variant mede bepaald wordt door de aanwezigheid van toxische stoffen in het substraat. Maar het kan mogelijk ook nog een andere Botrylloides soort zijn. Transplantatie experimenten en anatomisch onderzoek kunnen hier uitsluitsel over geven.

De auteur is zich er van bewust dat deze foto's nog niet eenduidig aantonen dat we met zekerheid met meerdere exotische Botrylloides soorten in de Oosterschelde te maken hebben. Echter de afwezigheid van tussenvormen en het gescheiden voorkomen van variant 4 doet dit wel vermoeden. Faasse en De Blauwe hebben dit vermoeden ook al uitgesproken. Alleen nauwkeurig anatomisch onderzoek van deze varianten kan hier uitsluitsel over geven. De Spuisluiswachter is benieuwd naar wijze reacties. Dit medium zal de ontwikkelingen rondom Botrylloides in de Oosterschelde met spanning blijven volgen. Het laatste woord is hier zeker nog niet over verteld.

Voor vragen of opmerkingen over deze waarneming(en) kunt u terecht bij de Spuisluiswachter