Nog een Zwartooglipvis uit de Oosterschelde
|
De
Glasgrondel, Aphia minuta (Risso, 1810), de
Steenslijmvis, Lipophtys pholis (Linnaeus, 1758), en de Zwartooglipvis,
Symphodus melops, (Linnaeus, 1758). Recentelijk heeft Mat Vestjens tijdens een tweetal duiken drie fraaie en opmerkelijke vissen weten te fotograferen. Hij stelt de foto's aan de Spuisluis ter beschikking zodat andere duikers deze vissen mogelijk ook gaan herkennen. De Glasgrondel, Aphia minuta (Risso, 1810): Dit is een vrijwel doorzichtige kleine grondel van maximaal 6 cm. Hij leeft pelagisch (vrij zwemmend) en komt voor van Midden-Noorwegen tot achter in de Middellandse zee. Maar hij wordt zelden in Nederlandse kustwateren aangetroffen. Deze opname (Foto 1) is gemaakt in juni 2002 bij Scharendijke in het Grevelingenmeer. Mogelijk is dit een van de eerste waarnemingen van deze soort in het Grevelingenmeer. Wie weet daar meer over te vertellen?
Foto 2: Glasgrondel, Aphia minuta, Grevelingenmeer © Mat Vestjens De Steenslijmvis, Lipophtys pholis (Linnaeus, 1758): De soort leeft in de getijdezone en wordt vaker bij het stenenkeren aangetroffen dan door duikers waargenomen. Het is een kleine vis van max. 10 cm, met een variabele kleur, slijmerige huid, een ingekeepte rugvin en geen tentakels op de kop. Het is een schuwe vis. En dat maakt deze opname zeer bijzonder. De Steenslijmvis is een bewoner van de West-Europese kust en komt voor van Zuid-Noorwegen tot aan de Westelijke Middellandse zee en rond de Britse eilanden. Hoewel er niet veel waarnemingen van zijn, komt hij toch algemeen voor op de Nederlandse kust. Deze opname (foto 2) is gemaakt op 29-06-2002 bij de Noordzijde van de Zeelandbrug, Zierikzee.
Foto 1: De Steenslijmvis, Lipophtys pholis, Oosterschelde © Mat Vestjens De Zwartooglipvis, Symphodus melops, (Linnaeus, 1758): De Zwartooglipvis is te herkennen aan de zwarte vlek achter het oog en vlak voor de staartvin. Hij wordt maximaal 30 cm. en is variabel van kleur. Het mannetje (zie foto 3) is meestal groenig of blauw en het vrouwtje is bruinig of gelig. Het is een bewoner van de wierzone van rotskusten. Hij komt voor van Midden-Noorwegen tot in het midden van de Middellandse zee. Vroeger was het in Nederland een zeldzame verschijning maar hij wordt de laatste jaren steeds algemener in de Oosterschelde. Deze opname (Foto 3) is gemaakt op 29-06-2002 bij de Noordzijde van de Zeelandbrug, Zierikzee.
Foto 3: Zwartooglipvis, Symphodus melops, Oosterschelde © Mat Vestjens Nog een Zwartooglipvis, Symphodus melops, (Linnaeus, 1758): Door Joop Verkuil (02-08-2002) Op deze foto van een Zwartooglipvis is de halfmaanvormige vlek achter het oog, waar deze vis zijn Nederlandse naam aan heeft te danken, goed te herkennen. Hij is gefotografeerd op 02 augustus 2002 bij de Val (Zierikzee) op circa 2 meter diepte.
Foto 3: Zwartooglipvis, Symphodus melops, Oosterschelde © Joop Verkuil Opmerking van de Spuisluiswachter: In 2002 hebben we in de Oosterschelde een ware explosie van het aantal Zwartooglipvissen meegemaakt. Op nagenoeg iedere lokatie, maar vooral in de ondiepe wierzones in het centrale en westelijke deel van de baai zijn er in het late voorjaar en begin van de zomer vele volwassen dieren en hun einesten aangetroffen. Later in de zomer zijn de jonge vissen soms met vele tientallen per duik op deze plaatsen gesignaleerd. Deze jonge vissen waren eenduidelijk te herkennen aan de zwarte ronde vlek aan de basis van de staart. De Gevlekte lipvis, een andere soort, is in 2002 slechts zelden in de Oosterschelde aangetroffen. Referentie: Zeevissen van Noord- en West-Europa (1999). Bent J. Muus et al. |
|
Voor
vragen of opmerkingen over deze waarneming(en) kunt u terecht bij de Spuisluiswachter
|





