Slanke knotsslak
Tergipes tergipes (Forskal, 1775)
Zoekbeeld
Een kleine, slanke zeenaaktslak met afgeronde voetpunten en weinig papillen op de rug. De middendarmklier in het lichaam is duidelijk zigzaggewijs zichtbaar. Elke tak leidt tot een afzonderlijk geplaatste, knotsvormige papil.Afmetingen
Lengte tot 8 mm.Kleur
Lichaam kleurloos transparant tot wit, papillen met een licht- tot donkerbruine inhoud. De zigzag gewijs lopende middendarmklier op de rug is bruin van kleur. Op de kop en rond de tentakels en rhino-phoriën, vooral bij grotere exemplaren, is vaak een roodachtige kleur aanwezig.Voedsel
De dieren leven van fijn vertakte hydroïdpoliepen zoals Laomedea, Hartlaubella en Obelia.Habitat
Tergipes komt overal in zee en in de estuaria voor waar kleine hydroïden aanwezig zijn. Behalve op steenglooiingen, leeft de soort in havens, op boeien, meerpalen, mosselbanken en zelfs op siphonen van Strandgapers op het wad. De soort is aangetroffen van iets boven de laagwaterlijn tot diepten van ca 20 meter.Verspreiding
Tergipes is de meest algemene zeenaaktslak van de Nederlandse wateren. Bekend uit het Wad-dengebied en de Noordzee en uit Zeeland (Ooster- en Westerschelde, Grevelingen). Niet in het Veerse Meer.Eieren
De eikapsels zijn bolvormig, en worden in hydroïd-kolonies afgezet. De karakteristieke eikapsels in hydroïdpoliepen verraden vaak de aanwezigheid.Opmerkingen
- Slakken met eieren zijn gevonden van maart tot november, midwinterwaarnemingen zijn zeldzaam. De grootste aantallen worden van april tot juni gezien.- De soort verschilt van de Noordelijke knuppelslak (Eubranchus rupium) door het slankere voorkomen en de gemiddeld geringere grootte, slechts 1 papil per middendarmtak, en de karakteristieke rode kleuring op de kop bij de rhinophoriën. Ook zijn de eipakketjes bolvormig i.p.v. nier- tot halfcirkelvormig.

