Gewone zwemkrab
Liocarcinus holsatus (Fabricius, 1798)

Zoekbeeld
De Gewone zwemkrab heeft drie korte, niet al te scherpe punten tussen de ogen, maar daartussen geen haren. De uiteinden van achterste poten zijn afgeplat en breed. Het rugschild is glad. De dieren kunnen goed zwemmen.
Afmetingen
Het rugschild van volwassen dieren is doorgaans 3 tot 4 centimeter, maar ze kunnen aanzienlijk groter worden.
Kleur
De Gewone zwemkrab is lichter van kleur dan de andere krabbensoorten. Dekleur varieert van zandkleurig bruin, tot grijswit, soms ook lichtgrijsgroen of grijsblauw. De schaarpoten hebben een min of meer oranjekleur.
Eieren
De dieren paren in de zomermaanden. Wijfjes met eieren zijn het gehele jaar door te vinden.
Habitat
De Gewone zwemkrab komt voor in de getijde zone en ver daar beneden. De dieren leven op zachte bodems, maar hebben een voorkeur voor schoon zand, waarin ze zich kunnen ingraven.
Mondiale verspreiding
De Gewone zwemkrab komt voor van IJsland, Noord-Noorwegen tot tot aan de zuidkust van Portugal en de Canarische eilanden. In de Middelandse zee is deze soort zeer zeldzaam.

