Zeedahlia
Urticina felina (Linnaeus, 1761)
Tekst: A.W. Gmelig Meyling. Versie 12-3-2008.
Zoekbeeld
Een volwassen Zeedahlia is een grote brede zeeanemoon met korte dikke tentakels. Kenmerkend is de vaak helder gekleurde tekening op de mondschijf. Deze bestaat vaak uit dubbele lijnen die vanaf de mond gezien vóór de tentakels beginnen. Vandaar lopen ze naar de rand van de mondschijf. Opvallend is dat de dubbele lijnen zich splitsen en netjes om de voeten van de tentakels heen lopen. De zuil is breder dan hoog en heeft een ruwe bobbelige structuur, waaraan soms stukjes schelp, zand en zelfs wieren blijven hangen. Deze bobbeltjes worden ook wel zuigwratten genoemd.
Afmetingen
Doorsnede van de zuil en de voetschijf in onze kustwateren gewoonlijk niet groter dan 10 tot 15 cm. De hoogte is dan circa 6 cm. De tentakels worden meestal niet langer dan 2 cm.
Kleur
De kenmerkende lijnen om de tentakels zijn vaak rood, maar kunnen ook andere kleuren hebben. De kleur van de zuil en mondschijf is zeer variabel: van bruin, rood of oranjegeel tot groen en paars. De tentakels kunnen eenkleurig zijn, maar hebben vaak ook een kleurverloop van basis tot top. De tentakels zijn vaak helderder gekleurd dan de mondschijf.
Habitat
Vrijwel alleen op hard substraat, zoals stenen, maar soms ook op veen of onder veenranden. Af en toe op pontons. De soort wordt aangetroffen vanaf iets boven de laagwaterlijn tot diepten van 15 meter en meer.
Verspreiding
Plaatselijk tot ver in de Westerschelde. In vergelijking met de andere zeeanemoonsoorten gaat het steeds om kleine aantallen. Hetzelfde geldt voor het westelijk deel der Oosterschelde, waar de dichtheden nog iets kleiner zijn. Ook bekend uit het oosterlijk deel bij Tholen. Langs de Noordzee- en Waddenzee-kust soms op kustverdedigingswerken, havenhoofden en wrakken. Uit de Grevelingen zijn slechts enkele, uit het Veerse Meer geen waarnemingen bekend.
Opmerkingen
-
De dieren leven van grote prooien, zoals garnalen, krabben en visjes.
-
Bij aanraking voelt men de tentakels 'kleven'. Dit komt door de netelcellen.
-
In oudere literatuur wordt meestal nog de wetenschappelijke naam Tealina felina gebruikt.

